Skip Navigation Links
Veilig Hekwerk herkent u aan HEKMERK

Veiligheidseisen
 
De veiligheidseisen van de NHI beperken de risico’s voor gebruikers op letsel of schade, en voor eigenaren en indirect hekwerkbedrijven op aansprakelijkheidsstelling bij ongevallen.

De NHI veiligheidseisen stellen op 4 vlakken eisen aan een poort.

  • Maximaal toelaatbare sluitkrachten
  • Sluitsnelheid
  • Gevaar voor inklemming
  • Gevaar voor breuk van ledenmaten als gevolg van het door een hek heen steken daarvan.

De vertaling van de eisen in voorschriften voor een normale gemiddelde poort, maken voor u helder wat een veilige poort is.

Poortvarianten:

Toegestane inklemkrachten:

Voorschriften voor varianten schuifpoorten

A. Met aansluitend spijlenhekwerk.

Hier kan voor twee mogelijke oplossingen gekozen worden.
A1. Met gaas tussen beide portalen aan beide zijden van het schuifhek
A2. Met druklijsten op beide zijden van beide elk portaal.

Variant A1

Het gaas tussen de portalen in optie A1 moet een maaswijdte hebben van 40x40 mm in normale omstandigheden. Als er sprake is van een verhoogd risico moet hiervoor wettelijk gezien gaas met een maaswijdte 20x20 mm worden toegepast.
In de optie A1 moeten minimaal 5 drukgevoelige lijsten van poorthoogte tot een maximum van 250 cm worden toegepast op de in fig. A1 gemarkeerde plaatsen.

Besturing moet uitgerust zijn met een automatisch terugloop bij activering van de van de druklijsten zodat de inklemming wordt opgeheven.

Variant A2

Klik voor een vergroting
Het verschil tussen deze optie en optie A1 is de afwezigheid van het gaas tussen beide portalen. Dit gaas wordt in deze uitvoering vervangen door 4 drukgevoelige lijsten op de twee portalen. Voor de overige aspecten gelden dezelfde extra voorwaarden bij verhoogd risico.

B. Schuifpoort met aansluitend gaashekwerk

Ook hier zijn er twee mogelijke opties in de uitvoering, met of zonder gaas tussen de portalen aan de binnenzijde van het hek.

Variant B1

Het gaas tussen de portalen in optie B1 moet een maaswijdte hebben van 40x40 mm in normale omstandigheden. Als er sprake is van een verhoogd risico moet hiervoor wettelijk gezien gaas met een maaswijdte 20x20 mm worden toegepast.
In de optie A1 moeten minimaal 4 drukgevoelige lijsten van poorthoogte tot een maximum van 250 cm worden toegepast op de in fig. B1 gemarkeerde plaatsen.

Besturing moet uitgerust zijn met een automatisch terugloop bij activering van de van de druklijsten zodat de inklemming wordt opgeheven.

Variant B2

Het verschil tussen deze optie en optie B1 is de afwezigheid van het gaas tussen beide portalen aan de binnenzijde van het hekwerk. Dit gaas wordt in deze uitvoering vervangen door 2 drukgevoelige lijsten op de twee portalen. Voor het overige aspecten gelden dezelfde extra voorwaarden bij verhoogd risico.

Draaipoorten

De draaipoort moet net als een schuifpoort voldoen aan de eisen met betrekking tot de maximale krachten. Teneninde te detecteren of een persoon of een voertuig het draaigebied betreedt of zich daarin bevindt, dienen draaipoorten te worden uitgerust met een optisch sensor zoals in onderstaande tekening is weergegeven. Als u op de tekening klikt wordt hij vergroot weergegeven. Zodra de fotocel iets detecteert wordt de draaipoort direct stilgezet en gaat teruglopen. Voor deze fotocel geldt een minimale kwaliteitsklasse 3.

Dodemansbediening

Deze vorm van bediening mag volgens de veiligheidseisen van de NHI alleen direct op een poort worden toegepast of op een plek waarbij de bedienende persoon goed, volledig direct onbelemmerd zicht heeft op de poort en zijn omgeving. In de praktijk zal deze bediening slechts in een zeer beperkt aantal situaties kunnen worden toegepast.
Hierbij moet de schakelaar continu worden ingedrukt om de poort in beweging te zetten. Zodra de schakelaar wordt losgelaten, stopt de poort. De eisen voor wat betreft sluitkracht en snelheid blijven van toepassing bij een dodemansbediening.

Bestaande poorten automatiseren

De NHI veiligheidseisen gelden voor alle poorten die door NHI leden worden geplaatst. In de praktijk komt het voor dat eigenaren van een reeds geïnstalleerde, handbediende poort, deze alsnog willen (laten) voorzien van een elektrische aandrijving.

Wettelijk gezien moet elke elektrisch of anderszins aangedreven poorten aan vele extra veiligheidseisen en regels voldoen, ten opzichte van handbediende exemplaren. De wet ziet een aangedreven poort namelijk als een machine. Op grond van de uit de machinerichtlijn en nationale regelingen voortvloeiende bepalingen, waaronder ARBO, dienen alle machines te voldoen aan diverse wettelijke eisen ten behoeve van gezondheid, veiligheid en milieu. Om aan deze eisen te voldoen, heeft de NHI een aantal bepalingen opgesteld, specifiek bestemd voor poorten. (zie veiligheidseisen)

De wet voorziet tenminste 4 partijen in het geval van een levering;

  1. de leverancier
  2. de installateur
  3. de eigenaar
  4. de gebruiker

Bij een nieuwe aangedreven poort:

vervult uw hekwerkleverancier dus 3 van de 4 rollen; leverancier, installateur, en eigenaar (tot het moment van betaling, zie art 18 van de NHI leveringsvoorwaarden.). De leverancier is wettelijk verplicht een nieuwe poort af te leveren volgens machinerichtlijn, praktisch in gevuld middels de NHI veiligheidseisen.

Tot zover kunnen er geen onduidelijkheden ontstaan m.b.t. de verschillende posities van de partijen bij het leveren van een poort.

Bij een bestaande bestaande poort:

Hier ligt de positie van de leverancier anders. U, als eigenaar van een handbediende poort wordt voor de wet namelijk aangezien als “fabrikant” van de ontstane machine (aangedreven poort). Uw leverancier levert namelijk enkel de benodigde aandrijvings- en veiligheidscomponenten, en installeert deze op de poort van de klant. In dit geval is het hekwerkbedrijf geen fabrikant, en niet volledig aansprakelijk. Hij is echter wel verantwoordelijk voor het juist uitvoeren van zijn werk, en het wijzen van de klant op de wettelijke eisen ten aanzien van de aangedreven poort, hetgeen redelijkerwijs mag worden verwacht van een professional.

Dit advies omvat aanwijzingen tot het plaatsen van extra componenten ten behoeve van de veiligheid van de gebruikers van de poort. Het staat een klant vrij deze niet te (laten) plaatsen, het is immers mogelijk dat een ander bedrijf dit zal gaan doen, of dat de klant probeert te besparen door het niet (laten) plaatsen van extra voorzieningen ten bate van de veiligheid.

Echter in het kader van aansprakelijkheid zal bij een ongeval altijd de schuldigen gezocht worden, welke aansprakelijk gesteld worden voor de gevolgen. De hekwerkleverancier die een bestaande poort voorziet van een elektrische aandrijving zal, bij een ongeval door de rechter worden beschouwd als de vakman op dit gebied, die weet aan welke veiligheidseisen de poort moet voldoen. De consument wordt beschermd en zal vaak zeggen dat de leverancier hem niet gewezen heeft op deze eisen. De aansprakelijkheid zal in dat geval afgewenteld worden op de leverancier / producent.

Als een klant bewust kiest om door een NHI-lid een bestaande poort te laten aandrijven en niet beveiligt volgens de wettelijke norm, dan zal de klant dus een verklaring moeten tekenen waarin is vastgelegd is dat men in kennis is gesteld van de veiligheidseisen wordt vastgelegd. Dit om te voorkomen dat een hekwerkbedrijf op enigerlei wijze aansprakelijk kan worden gesteld voor letsel bij een naderhand aangedreven poort.

Samengevat

Alle nieuwe, aangedreven poorten: Volgens NHI veiligheidseisen.
Naderhand aangedreven poorten: Volgens NHI veiligheidseisen, tenzij de klant de betreffende zaken afneemt bij of laat monteren door het betreffende NHI lid en schriftelijk verklaart hier kennis van genomen te hebben.

 
HEKMERK is een initiatief van de Nederlandse Herwerk Industrie (NHI)